Lopen…, lopen…, boem!
"Hé schat, ben je klaar om te vertrekken? Alles wat beneden bij de voordeur stond heb ik al in de auto gebracht. Wat moet ik nog meer doen?"
"Ik kom! Jasper moest nog even een schone luier."
Connie loopt naar beneden met een kraaiende Jasper op haar arm.
"Ik vind het zo spannend Peter. Jasper voor het eerst naar het strand."
"Ja, ik ben ook benieuwd hoe het zal gaan. Misschien houdt hij er niet van. Dat zou zonde zijn, want dan hebben wij het ook niet naar ons zin."
"Hij zal zich toch wel vermaken", zegt Connie verbaasd. "Wie houdt er nu niet van het strand?"
"Ja, ja. Dat kun je wel zo zeggen, maar ik vond vroeger zand helemaal niet leuk. En mijn vader en moeder maar zeggen: er is geen grotere zandbak te vinden. En jij vindt het niet leuk. Ondankbaar kind!"
"Psychologie is niet hun sterkste kant, dat weten we inmiddels, maar wij gaan plezier maken , hè Jasper?" Connie drukt haar zoontje eens dicht tegen zich aan voor een extra knuffel.
"Kom, we gaan op weg."
Zo vertrekken ze met zijn drietjes. Het is stralend weer. De drukte valt best mee en ze vinden vrij vlot een plaatsje voor de auto. Bepakt met tassen en met Jasper in zijn wandelwagen, lopen ze naar het strand. Ook daar is het niet echt druk. Genoeg mensen, dat wel, maar gewoon gezellig. Op het strand zien ze een fijne plaats om zich te installeren voor de hele middag.
Jasper kijkt met grote ogen rond.
"Mooi hè, Jasper? Hoor je de zee?"
Peter tilt zijn zoon uit de wandelwagen en loopt met hem naar de waterkant. Aandachtig neemt Jasper alles in zich op. Hij begint te wijzen en te praten, nou ja praten………..
"Ja, ja. 't Is goed. Kom dan gaan we nu naar mama."
Die heeft ondertussen alles uitgepakt en een groot badlaken voor Jasper in het zand gelegd.
"Dit plekje is helemaal voor jou, maar we gaan eerst wat kleren uittrekken en je insmeren met zonnebrandcrème. Dat is nodig, anders zou je verbranden door de zon."
Peter pakt Jaspers zonnehoedje en zet hem op zijn bol.
"Ziezo. Jij kunt er van gaan genieten en wij hopelijk ook. Er is geen grotere zandbak voor je te vinden." Terwijl hij dit zegt, werpt hij een steelse blik naar zijn vrouw.
Die steekt haar tong naar hem uit en gaat liggen.
"Jij past het eerste half uur op, hè schat? Dan kan ik even uitrusten. Ik ben doodop. Daarna draaien we de rollen om. Oké?"
"Oké!"
Peter ligt op zijn zij naar z'n zoon te kijken en denkt: wat zou ik graag in dat koppie kijken? Wat gaat er in hem om? Waar zal hij nu aan denken? Alles is toch nieuw voor hem. Moet je hem nu zien.
Hij pakt wat zand en laat het weer uit zijn hand glijden. Hij zegt niets, maar Jasper volgt zijn voorbeeld. Zijn handje pakt ook zand op en laat het er weer uitglijden. Dan probeert hij het met een knuistje en laat het zand weer terug vallen. Terwijl hij dit doet, glimlacht hij naar zijn vader en kijkt hij naar de zee.
"Dat is mooi Jasper! Die zee. Net een heel groot badje. Als je later groter bent mag je er in spelen en zwemmen."
Jasper kraait en probeert te gaan staan. Stapt op zijn papa toe. Die geeft hem een knuffel. Jasper laat zich weer vallen en speelt verder in het zand.
"Zo te zien heeft onze zoon het naar zijn zin Connie."
"Uhh," komt er een zacht antwoord.
"Volgens mij, Jasper, is je mama in slaap aan het vallen. Wat en luilak. Ik denk dat ik me ook maar eens ga ontspannen. Fijn blijven spelen hoor Jasper!"
Peter rekt zich nog eens uit en slaakt een zucht. Jasper kruipt een beetje rond over zijn badlaken. Pakt wat zand op en laat het weer vallen. Dan gaat zijn blik naar de waterkant. Zal hij? Hij staat op en stapt, nog een stap……….., boem!
"Ja, dat valt niet mee jongen. Lopen in het zand."
Jasper kijkt zijn vader aan met een blik waaruit blijkt dat hij het nog niet zal opgeven. Weer gaat hij staan. Het gaat wat wiebelig, maar hij staat. Hij zet een stap….., boem! Even kijkt hij zijn vader aan en die glimlacht.
"Blijven proberen zoon. Wees een echte man!"
Jasper probeert. Hij gaat weer staan. Een stap, een stap….. en boem! Hij zit weer en kijkt naar de waterkant. En in dit koppie ontstaat het idee om naar het water toe te gaan. Opeens zit er meer durf in het opstaan. Hij staat, hij stapt, stapt……, wankelt en boem!
Staat op, stapt, stapt……oh, stapt, stapt……..wankelt…..stapt, stapt……..boem!
Staat weer op. Stapt, wankelt………..oh, stapt, stapt, loopt, loopt……… oh, boem!
Hij kijkt om zich heen. 't Is moeilijk in het zand, maar het zal lukken.
Nog eens proberen. Stap, stap, lopen…lopen…, wankel, lopen, lopen, lopen…..boem. Weer een stukje dichterbij het water,
Hij gaat weer staan. Lopen, lopen, lopen……….Lopen, lopen……oh, lopen, lopen….boem!
Hij kijkt niet om zich heen, niet meer achterom en staat op en gaat recht op zijn doel af. De zee! Lopen, lopen, lopen…..oh, wankelt, lopen, lopen, lopen……….oei, lopen, lopen, lopen, lopen…oei, lopen……….ah…. Wat nu?
Opeens wordt zijn armpje vastgepakt.
"Hé, kleine man. Kom jij eens met me mee. Dat is niet de bedoeling."
Peter tilt Jasper op en begint hem spontaan te knuffelen. Wat is hij blij en dankbaar dat hij nog net op tijd zijn zoontje naar de zee zag lopen. Het ging veel sneller dan hij dacht. Je moedigt je kind aan tot lopen en niet op te geven als het niet lukt. Jasper heeft hem nu bewezen dat hij goed geluisterd heeft. Peter beseft nu dat het met zijn rust voortaan definitief gedaan is.
Geïnspireerd door een lied van de Nederlandse cabaretier Paul van Vliet: Klein mannetje op een heel groot strand.
terug naar verhalen
Voor vragen en informatie:
Sjanie de la Mar
Mailadres: sjaniedelamar@tele2.nl
|